Opleiding Organisatieopstellingen

Opleiding Organisatieopstellingen

Inhoud opleiding Organisatieopstellingen

Naast de theorie en oefeningen werken we met opstellingen over organisatie vraagstukken van de deelnemers zelf en met gastcliënten. Na een opstelling wisselen we met elkaar uit wat onze waarnemingen zijn en is er ruimte voor vragen. 
Omdat we werken met echte casussen geeft dit diepere vragen en een veel dieper inzicht dan alleen theorie en het werken met oefeningen zouden kunnen geven. Wij ervaren telkens weer dat de combinatie van theorie, oefeningen en opstellingen een effectieve manier zijn om je dit werk eigen te maken.

Oefenen

Tussen de lesblokken door vormen de deelnemers groepen met elkaar om bezig te kunnen blijven met oefenen. Opstellingswerk is een ambacht waarin het belangrijk is om vaardigheden te ontwikkelen die meer op het terrein liggen van waarnemen en intuïtie, dan louter op kennis. Hoe meer ‘vlieguren’ je kunt maken des te beter ontwikkel je het ‘fingerspitzengefühl’ dat nodig is om systemisch te kunnen werken.

Inhoud lesblokken

In ieder blok komen altijd de volgende vier elementen voor: 

  1. Theorie 
  2. De theorie in de praktijk brengen door middel van oefeningen en nabespreken 
  3. Opstellingen met eigen thema’s en nabespreken 
  4. Meditaties en ‘zachte’ oefeningen om het lichaamsbewustzijn te ontwikkelen

De inhoud van de blokken die hieronder staat weergegeven is een richtlijn. De genoemde onderwerpen komen zeker aan bod, maar misschien niet altijd in die volgorde. We gaan mee met de bewegingen die zich aandienen en voegen ons ook naar de leerbehoeften van het moment. 
Ten behoeve van het overzicht hebben we hieronder de opstellingen, meditaties en oefeningen niet genoemd.

Blok 1 (2 dagen)
Naast het kennismaken met elkaar staat dit blok in het teken van de innerlijke houding van de begeleider, het fenomenologisch waarnemen en de belangrijkste inzichten van Bert Hellinger, namelijk die van de verschillende gewetens met hun aspecten van binding, ordening en balans. De volgende punten komen aan de orde: 

  • De innerlijke houding van de begeleider. De innerlijke houding van de begeleider schept als het ware de voorwaarden en het kader waarbinnen systemisch werk plaats kan vinden. Door de hele opleiding heen doen we oefeningen om deze innerlijke houding verder te ontwikkelen.
  • Wat is een organisatiesysteem en wie maken daar deel van uit. 
  • Het organogram. Door het maken van een organogram krijgen we een overzicht (en inzicht) van de verschillende aspecten en gebeurtenissen binnen een organisatie.
  • Het persoonlijk geweten. Het persoonlijk geweten zorgt ervoor dat we ons verbonden voelen met de organisatie (of groep) waar we bij horen. Dit is voelbaar door middel van het hebben van een goed of een slecht geweten.
  • Het collectief geweten. Dit geweten zorgt ervoor dat de groep in zijn geheel blijft voortbestaan zonder naar het wel en wee van de leden te kijken. Dit geweten offert meedogenloos een lid op ten behoeve van de hele groep. Dit geweten is niet voelbaar, maar de werking is duidelijk waarneembaar binnen opstellingen.
  • Het spiritueel geweten. Dit geweten overstijgt de beide andere gewetens. Middels dit geweten staan we in contact met de Eenheid en voelen we ons verbonden met alles en iedereen. Er is geen goed en kwaad. Er is geen ik en jij.
  • Wat is het leidende principe binnen een organisatie.
  • Welke opstellingsvormen kunnen we onderscheiden.

Blok 2 (2 dagen)
We gaan kennismaken met een aantal aspecten van het begeleiden van een opstelling en gaan daar ook meteen veel mee oefenen. 

  • Organisaties als levende systemen. 
  • Symptomen binnen organisaties. Wat zijn kenmerken van belastende patronen binnen organisaties.
  • Het inleidend interview. Het interview is een wezenlijk deel van de opstelling. Het helder krijgen van de vraag (of de vraag onder de vraag) en een goed overzicht scheppen van de organisatie is essentieel voor een organisatieopstelling.
  • Wat zijn systemische vragen. Systemische vragen hebben altijd te maken met de facetten binding, ordening en balans en ze leiden al snel naar het wezenlijke.
  • Het kiezen van de representanten. Met wie of welk aspect gaan we werken. Hoeveel representanten zetten we neer. Voegen we representanten toe of halen we er representanten uit. Omdat opstellingswerk zo ‘verdicht’ is, zijn dit belangrijke keuzes.
  • Welke dynamieken nemen we waar in een opstelling. Wat wil er gezien worden in een opstelling, wat wil een opstelling ons zeggen, wie of wat ontbreekt er, wat heeft het systeem nodig, waar is er beweging mogelijk en waar blokkeert het. En hoe kunnen we testen of onze waarneming klopt. Dit is de kern van ieder opstelling en we zullen hier dan ook ieder blok mee oefenen.
  • Wat zijn onze gereedschappen om systemisch te werken. Wat helpt ons om systemisch te kunnen kijken. Wat gebruiken we van nature al vrij gemakkelijk en welke vaardigheden kunnen we nog aanscherpen.
  • Fenomenologie.

Blok 3 (3 dagen)
Dit blok zou je kunnen beschouwen als het hart van de opleiding. We gaan alle aspecten van het opstellingswerk grondig doornemen en uitgebreid oefenen. 

  • Dynamieken herkennen en testen. We gaan verder oefenen in het waarnemen en testen van de dynamieken.
  • Interventies, rituelen en interventiezinnen. Samen met het inleidend interview en het herkennen van dynamieken vormen interventies, rituelen en interventiezinnen het kader en de inhoud van een opstelling. Na het oefenen van de aparte onderdelen gaan we dit integreren in volledige opstellingen.
  • Het afsluiten van een opstelling. Wanneer sluiten we een opstelling af. Wat is het energie niveau. Maakt doorgaan de opstelling zwakker of sterker. Het afsluiten is net zo wezenlijk als het begin van een opstelling.
  • Primaire-, secundaire- en overgenomen emoties (verstrikkingen). Om met cliënten te kunnen werken is het belangrijk om te herkennen in welke emotie hij of zij zich bevindt. We gaan oefenen in het herkennen van de emoties en wat we kunnen doen om iemand in een emotionele toestand te brengen waarmee gewerkt kan worden.
  • De positie van de begeleider. Hoe beweegt een begeleider zich in een opstelling en vanuit welke plek kan er gewerkt worden. Hoe ‘aanwezig’ dient de begeleider te zijn en hoe voorkom je dat je zelf in de opstelling ‘gezogen’ wordt.
  • Het begeleiden van representanten. Hoe begeleid je een representant in een opstelling. Waar gaat je aandacht naar uit en welke informatie krijg je door een representant te begeleiden.
  • Inleidend interview met opstelling en interventies. We gaan oefenen in het begeleiden van een volledige opstelling, vanaf het inleidend interview tot en met de afsluiting.

Blok 4 (3 dagen)
Dit blok staat helemaal in het teken van familiedynamieken. Aangezien iedere organisatie uit mensen bestaat, die allemaal hun familiedynamieken meenemen in de organisatie, vinden wij het wezenlijk om die te kunnen herkennen en er ervaring in op te bouwen. We gaan werken met eigen vragen of met gastcliënten.

  • Wat is een familiesysteem en wie maken daar deel van uit.
  • Systemische verschillen tussen organisaties en families.
  • De werking van de gewetens, met name de verschillen tussen organisaties en families.
  • Welke dynamieken nemen we waar binnen de opstellingen.
  • Genogram maken (stamboom met alle gebeurtenissen)

Blok 5 (3 dagen)
In dit blok gaan we oefenen met structuuropstellingen. Deze vorm van opstellen is ontwikkeld door Matthias Varga von Kibéd en Insa Sparrer en is een boeiende manier van werken die goed toepasbaar is binnen organisatieopstellingen.

Blok 6 (3 dagen)
In dit blok begeleiden de deelnemers volledig zelfstandig opstellingen.
Voor dit doel worden er per dag door de deelnemers zelf vier gastcliënten uitgenodigd. 
Na ieder opstelling wordt deze plenair besproken. Degene die de opstelling begeleid heeft bepaalt zelf of de gastcliënt daarbij aanwezig mag zijn. Ook is het aan de begeleider of hij of zij feedback wil ontvangen.

Blok 7 (2 dagen)
In dit blok worden de deelnemers uitgenodigd om door middel van een opstelling te ervaren hoe ze zich verhouden met het systemisch werk. 
Tevens is er ruimte om onderdelen van dit werk die nog niet duidelijk lijken te zijn extra aandacht te geven, en ook kan er nog met eigen thema’s gewerkt worden.
Aan het eind van dit blok worden er deelnamecertificaten uitgereikt. 

Inhoud opleiding Organisatieopstellingen (pdf)

Wat zeggen de deelnemers

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    Elmer is een top docent, die mensen optimaal laat leren in hun eigen tempo en op ieders eigen wijze. De veiligheid van het leerklimaat en in de leergroep komt door zijn open, niet-oordelende en vanzelfsprekende 'iedereen is welkom' houding.

    Paulien ten Asbroek

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    Elmer heeft een sterk ontwikkelde beroepsintegriteit en is een talentvolle ambachtsman. Dat maakt het prettig en inspirerend om de kunst af te kijken. De opleiding is praktijkgericht, waardoor ik systemisch werken goed kan toepassen in de beroepspraktijk.

    Abelius Reitsma

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    De opleiding Organisatieopstellingen is zeer pragmatisch en met name gericht op het ontwikkelen van vaardigheden. Elmer brengt een grote hoeveelheid praktische ervaring in en kan deze duidelijk en inspirerend overbrengen. Organisatieopstellingen begeleiden blijft gelukkig mensenwerk en ik heb op het persoonlijk vlak weer bijzondere ervaringen opgedaan en veel geleerd. 

    Leo Römers

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    Het volgen van de opleidingen heeft mij gelukkiger gemaakt en ik ben dankbaar dat ik het systemisch werk nu mag gaan uitdragen. Ik heb de opleidingen als een groot cadeau ervaren en beveel deze dan ook van harte aan.

    Gita Siebers

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    Wat mij aanspreekt in de opleiding organisatieopstellingen is de verdeling 20 – 80 % tussen de theorie en de praktijk. Niet teveel theorie (die kun je thuis ook lezen) maar vooral het praktisch aan de slag gaan met het begeleiden van organisatieopstellingen

    Aike Borghuis

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    Elmer leert je, en geeft je het zelfvertrouwen om zelfstandig opstellingen te begeleiden. Zijn vakmanschap is groot en hij begeleidt opstellingen ‘zonder franje’. Hij leert je om de innerlijke houding te ontwikkelen die nodig is om te laten ontstaan wat zich in ‘het systeem’ wil laten zien.

    Els van Steijn

  • Opleiding Organisatieopstellingen kort

    Elmer is zeer bevlogen in het overbrengen van zijn vakmanschap van het systemisch werk, een bevlogenheid die mij altijd weer aansteekt en waar ik ongelofelijk veel van geleerd heb en nog leer.

    Saskia Cohen

Top